
12
NL
Digital Photo Printer DPP-FP30_NL/IT_CED_ 2-190-186-42 (1)
6
Sluit de klep van de papierlade
(1) en schuif deze in de
papierinvoerrichting (2).
Houd de papieruitvoerlade vrij.
7
Trek de klep van de
papierladehouder van de
printer naar buiten om de klep
te openen.
8
Plaats de papierlade in de
printer.
Duw de papierlade stevig aan tot
deze vastklikt.
Opmerkingen
• Verwijder de papierlade niet tijdens het
afdrukken.
• Houd rekening met de volgende punten
voordat u begint met afdrukken om te
voorkomen dat het papier vastloopt of er
storingen in de printer optreden:
– Schrijf of typ niet op het printpapier.
Gebruik een pen met inkt op oliebasis
om na het afdrukken op het papier te
schrijven. U mag niet op het printpapier
typen.
– Plak geen stickers of postzegels op het
printpapier.
– Houd het printpapier niet vast en buig
het niet.
– Wanneer u printpapier toevoegt aan een
gedeeltelijk gevulde lade, mag het
totaalaantal vellen niet groter zijn dan
20.
– Druk niet af op gebruikt printpapier. Als
u twee keer op hetzelfde papier afdrukt,
wordt het beeld niet dikker afgedrukt.
– Gebruik alleen het printpapier voor
deze printer.
– Gebruik geen papier dat niet afgedrukt
uit de printer komt.
Opmerkingen over het bewaren van het
printpapier
•U moet het papier niet langdurig opbergen
met de afdrukzijden tegen elkaar aan of in
contact met producten van rubber of
plastic met vinylchloride of
plastificeermiddel. Als u dit wel doet,
kunnen de kleuren van de afdruk
veranderen en kan de kwaliteit van het
afgedrukte beeld afnemen.
• Plaats het printpapier niet op een plaats
waar dit wordt blootgesteld aan hoge
temperaturen, hoge luchtvochtigheid,
overmatige hoeveelheden stof of direct
zonlicht.
• Als u printpapier dat u gedeeltelijk hebt
gebruikt, wilt opbergen, moet u de
originele verpakking gebruiken.
01NLFP3004PRE-CED.p65 10/27/04, 1:04 PM12
Komentáře k této Příručce